door Kristof Demasure © De Morgen

Over tien dagen start bij de openbare omroep de zogenaamde ‘carentieperiode’. VRT-medewerkers die op een kandidatenlijst staan voor de gemeenteraads-verkiezingen moeten zich vanaf dan terughoudend opstellen. De VRT wil zijn onpartijdigheid immers streng bewaken. Omniet het verwijt te moeten horen dat hij in september met de dagelijkse presentatie van het Radio 2-programma een hele maand ‘gratis reclame’ zou krijgen, heeft Bruno De Lille echter radicaal besloten pas na de verkiezingen weer achter de microfoon te gaan zitten. “Ik ben daarmee misschien katholieker dan de paus, maar ik wil geen risico’s nemen”, zegt De Lille, in Brussel lijsttrekker voor Agalev.

“Wanneer je dagelijks twee uur liveradio presenteert, is het gevaar te groot dat er luisteraars in het programma komen die over mijn politieke ambities beginnen. In samenspraak met Radio 2-nethoofd Paul de Wyngaert heb ik dan ook besloten om alle mogelijke kritiek voor te zijn en vakantie te nemen tot de verkiezingen voorbij zijn. Voor schermmedewerkers zoals Sabine De Vos en Marcel Vanthilt, die ook op een partijlijst voor de gemeenteraadsverkiezingen staan, is dat anders. Aangezien bij mij alles live gaat, kan er niets worden geknipt.”

Op dit moment heeft Agalev in de hoofdstad geen gemeenteraadsleden, maar als lijsttrekker bestaat de kans dat de Radio 2-presentator en -producer vanaf oktober in de Brusselse raad zetelt. “Dan stellen er zich geen deontologische problemen. Zolang ik geen politieke uitspraken doe, kan ik blijven presenteren”, vindt De Lille.

Zijn bekendheid als radiopresentator zou hem overigens slechts weinig extra stemmen opleveren. “Het aantal Vlamingen in Brussel is beperkt. Het aantal van hen dat naar Radio 2 luistert, is nog beperkter. Om iemand de link te laten leggen in het kieshokje, zou ik al een forse campagne moeten voeren.” Aangezien zijn Radio 2-programma De Grote Beer ’s avonds wordt uitgezonden, is De Lille vastberaden om overdag zijn politieke ambities effectief waar te maken. “Ik geloof ook zeer sterk in onze lijst: op de eerste tien plaatsen staan maar liefst zeven vrouwen en mensen van Algerijnse, Belgische, Ierse, Nederlandse, Turkse en Kaapverdische origine. Een lijst die Brussel perfect weerspiegelt. Ik hoop dan ook dat we voldoende stemmen halen om minstens één zitje in de Brusselse gemeenteraad te krijgen.”

27-07-2000