Mijnheer de minister-president,

We hebben gisteren een “ambitieus” man voor dit parlement zien staan. Een “ambitieuze” minister-president van een “ambitieuze” regering die niet bang is van de grote woorden. U ziet een “daadkrachtige” regering die een “samenhangend Brussels Gewestelijk Project” ten uitvoer wil brengen. De “wedergeboorte van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest”, zo noemt u het.

Oelalala. Ik was bijna onder de indruk.

Alleen volstaat het niet van uzelf ambitieus en daadkrachtig te noemen om ook resultaat te boeken, zoals we zullen zien. Daarvoor moet u namelijk weten waar u naartoe wil. En u hebt het dan wel over uw “samenhangende” project maar als ik uw beleidsverklaring erop nalees, dan vind ik dat project niet. Ik heb echt gezocht. U weet dat ik u een sympathieke mens vind, dus ik heb echt gezocht. Maar ik vind het niet. Het staat er niet in. Grote woorden? Ja. Losse acties? A volonté. Maar een project?

Mijnheer de minister-president, als ik u zo bezig hoor, dan krijg ik telkens weer het beeld voor ogen van een jongetje aan een schietkraam op de Zuidfoor. Een schietkraam vol krijtjes want uitdagingen zijn er genoeg in Brussel. U hebt ze maar uit te kiezen, u hebt ze maar aan te pakken. Alleen schiet u in het wilde weg. Meneer de minister-president, er zijn zoveel problemen in Brussel dat u met uw vele acties inderdaad af en toe wel eens raak zal schieten. Maar de hoofdprijs zult u niet binnenhalen. Daarvoor moet u gericht schieten, met een doel, een visie. En die heeft uw ploeg blijkbaar niet, dat blijkt bladzijde na bladzijde.

In juli hebben we u het voordeel van de twijfel gegeven in de hoop dat u uw tijd goed zou gebruiken om deze Brusselse state of the Union wat meer vlees te geven. Maar we zijn te goed van vertrouwen geweest blijkbaar.

Economie en werk

Nochtans kunt u niet zeggen dat we u niet op een aantal valkuilen gewezen hebben. Neem nu de werkloosheid. In juli hebben wij u al gezegd dat u zich niet moest beperken tot enkele doelgroepen maar dat de algemene werkloosheid naar beneden moest. En dat u Actiris daar de nodige opdrachten én middelen moest voor geven. Maar wat hebben we de afgelopen 2 maanden gehoord? Dat de jongerenwerkloosheid inderdaad gedaald is. U hebt er zelfs een feestje met Koning Filip rond gebouwd. Iedereen blij, de koning in de eerste plaats. Het extra geld voor de jongerenwerkloosheid heeft gewerkt. Maar eigenlijk hebt u onze koning met een dooie mus blij gemaakt want even later bleek dat de totale werkloosheid de hoogte ingaat. Men heeft dus veel geld gespendeerd om gewoon een verschuiving teweeg te brengen.

Bovendien op zo’n manier dat die jongeren er niet eens structureel mee geholpen zijn. In uw toespraak zei u dat de Europese Commissie blijkbaar regelmatig verwijst naar Brussel als toonbeeld voor de uitvoering van het werkgelegenheidsinitiatief voor jongeren. Als dat echt zo is, dan moeten we die mensen dringend eens uitnodigen om met die jongeren zelf te praten.

Gisteren kregen we hier in dit parlement het bezoek van een van de jongeren die van uw systeem heeft mogen proeven.
Een jonge vrouw die werd aangeworven als administratieve hulp maar al snel – er was iemand ziek uitgevallen – in een poetsploeg terechtkwam. Ze durfde niet protesteren uit angst ontslagen te worden. Ze werd niet begeleid, kreeg geen vorming en probeerde vol te houden omdat haar een “contract van onbepaalde duur” werd voorgespiegeld. Verwondert het u als ik u zeg dat dat contract er nooit gekomen is?

De manier waarop Brussel deze jongerenjobs organiseert, leidt dus duidelijk tot misbruiken. Er komen nauwelijks jobs bij waarmee jongeren ervaring opdoen. Een aantal bedrijven ziet dit systeem dan ook vooral als een kans om te kunnen besparen. Die bedrijven gebruiken jongeren om bestaande jobs goedkoper (want gesubsidieerd) te laten uitvoeren en de jongeren komen terecht in een draaimolen waarin ze nauwelijks rechten opbouwen maar wel telkens vervangen worden door een nieuwe jongere als die beter aan de steunvoorwaarden voldoet. Het resultaat is dat we nog altijd evenveel werklozen hebben in Brussel maar dat je een hele groep jongeren misbruikt en teleurstelt.

Dringend tijd voor een grondige evaluatie en een snelle bijsturing want één van uw belangrijkste maatregelen rond uw wedergeboorte van Brussel blijkt dus een absolute misser.

Maar als ik u gisteren in dit parlement hoorde, dan bent u duidelijk niet van plan het geweer van schouder te veranderen. Ik kan het u alleen maar vragen natuurlijk: stop met dit soort reparatiebeleid en begin structurele maatregelen te nemen om de werkloosheid in Brussel te doen dalen.
U gaat mij nu wellicht vertellen dat er veel over werk en economie in uw verklaring staat. En dat klopt maar er is ook nergens een hoofdstuk waar u zo vaag en algemeen blijft. Het enige concrete is dat u een Brussels Economisch en Sociaal Overlegcomité hebt opgericht dat een strategie moet ontwikkelen om “de sociaal-economische prioriteiten te vertalen op schaal van deze legislatuur en tegelijk een vooruitlopende visie te ontwikkelen op het heractiveringsbeleid voor de Brusselse economie over een tienjarige periode”.

Ik heb gewoon uw tekst geciteerd hé. Ik zal hem ook even vertalen in een begrijpelijk Nederlands. “Dames en heren, als u weet hoe we de Brusselse economische en werkloosheidsproblemen moeten oplossen, kom het ons dan alstublieft vertellen want wij … hebben geen idee”.

U kunt misschien al even beginnen met de vele jobs die er nu al zijn in Brussel beschikbaar te maken voor onze Brusselaars. Of liever: onze Brusselaars moeten klaargestoomd worden voor de jobs die er in Brussel te vinden zijn. En daar kunt u, kan Actiris wel een hele grote rol spelen. Dus in plaats van geld te steken in projecten waardoor jonge werklozen oudere mensen in de werkloosheid duwen (ik kijk naar de cijfers en cijfers liegen niet), moet u ervoor zorgen dat die jonge werklozen klaargemaakt worden voor de Brusselse markt. Zodat onze bedrijven geen personeel uit Bommerskonten of Outsiplou meer moeten aanwerven maar mensen die aan hun achterdeur wonen kunnen tewerkstellen. Dat is goed voor die bedrijven, dat is goed voor die Brusselaars, dat is goed voor de mobiliteit, de financiën, kortom dat is goed voor Brussel. Waarom doet u dat dan niet?

Weet u, in dat schietkraam op de Zuidfoor heb je soms van die krijtjes die je niet kapot geschoten krijgt. Je kunt daar blijven op mikken, het lukt je niet. Kost u alleen veel geld. Een slimmerik weet dat hij dan op het krijtje ernaast moet schieten. Met veel minder moeite haal je daar meer resultaat. Met andere woorden: als uw investeringen niet het gewenste resultaat opleveren, meneer de minister-president, dan moet je snel durven toegeven dat het anders moet. Dat is geen schande. Hou uw doel voor ogen. De werkloosheid staat nu op een beschamend hoogtepunt: 21% van de actieve Brusselaars zit zonder job. Doe dat dalen. 15% is haalbaar als u allemaal aan hetzelfde zeel trekt. ’t Is nog altijd schrikwekkend veel maar het zou een kentering betekenen, het zou de Brusselaars hoop geven.

Mobiliteit

Een gebied waar ik graag zou hebben dat er wat vaker raak wordt geschoten is mobiliteit. En daar, mijnheer de minister-president, brengt u mij in verwarring. U benoemt in uw beleidsverklaring mobiliteit dan wel als sleutelbevoegdheid maar eigenlijk geeft u het beleid nauwelijks ruimte. Openbaar vervoer wordt beperkt tot de metro-uitbreiding, het voetgangersbeleid tot centrale lanen (die bovendien van de Stad Brussel zijn), de fiets tot de kleine ring en het kanaal (en dat was al in de vorige legislatuur beslist). En verder vooral de vaststelling dat federaal slecht bezig is met het Gewestelijk ExpressNet, het GEN. Een beetje mager denk ik dan. Blijkbaar is er weinig waar deze regering zich voluit achter kan scharen?

In de pers is minister Smet echter wel actief. Daar schiet hij niet met een loodjesgeweer maar met een mitrailleur. Het probleem is echter dat hij blijkbaar niet goed kan mikken, hij maakt niets af.

Het autovrij maken van het Shumanplein? We lezen in de krant dat dat niet meer zal gebeuren. De architect is te duur en dus smijten we heel het project maar in de vuilnisbak. Dat er al 10 jaar geleden aan Europa beloofd is van het plein op een menselijke maat hier aan te leggen, is dan plots geen probleem. En dat die werken belangrijk zijn om van de hele wijk een veel aangenamere plaats om te wonen en te werken te maken, ook niet blijkbaar. Enfin, dan komt er van alle kanten reactie en plots blijkt dat er eigenlijk nog niets beslist is. Het is in elk geval nog niet op de regering besproken. En eigenlijk kan alles nog.

Uber? Van hetzelfde. We kondigen aan dat we open staan voor dit soort nieuwe initiatieven. Resultaat: de taxisector staat op zijn achterste poten. Dus gaan we wat strenger te keer naar de andere kant en slaan we wat uber-auto’s aan. Dan is het daar weer spel maar tegelijkertijd zeggen we in de krant dat de gesprekken lopen. En dat eigenlijk alles nog kan.

Het Reyersviaduct! We gaan het renoveren. Nee, het is te duur. We gaan het niet renoveren, we gaan het afbreken. En we gaan een feestje geven als we dat gaan doen. Prima idee. Maar wat daarna? Hoe gaan we ervoor zorgen dat de nieuwe inrichting de autodruk helpt dalen? Welke projecten die in uw regeerakkoord stonden gaan we laten vallen om dit te betalen? Dat zullen we wel zien. Daar hebben we nog niet over nagedacht of in elk geval, we gaan het niet aan uw neus hangen. Bovendien, alles kan eigenlijk nog.

Ik kan nog wel even doorgaan. Het parkeerbeleid? Onze sp.a-vrienden hebben 5 jaar staan roepen dat het rapper vooruit moest gaan en dat het een schande was dat de gemeenten telkens opnieuw dwars gingen liggen. En nu … krijgen de gemeenten zonder probleem nog maar eens wat uitstel en kunnen ze hun bezwaren opnieuw met de minister gaan bespreken. Die staat daarvoor open. Want alles kan eigenlijk nog.

Meneer de minister-president, constant beweren dat alle opties nog open liggen, is de mensen bedriegen. Dat is proberen van ze kalm te houden, van ze de indruk te geven dat er eigenlijk geen keuzes gemaakt moeten worden. Het én én verhaal. Alleen weten we dat dat zelden het geval is. En dat dat nog vaker zelfs geen goed idee is. Zachte heelmeesters maken stinkende wonden. Ik zou dus graag zien dat u eindelijk wel eens een lijn trekt, uw visie uitzet. Zodat uw regering duidelijk maakt wat er inderdaad kan en zal gebeuren en wat niet.

Want zo gaan we 5 jaar lang leuke discussies hebben, vooral in de pers, maar gaat u die daling van de autodruk tegen 2018 niet halen. Verdrink niet in de leuke acties maar hou opnieuw uw doel voor ogen: een daling van 20% van de autodruk door in te zetten op openbaar vervoer, fiets en stappen. Onze bewoners vragen dat, onze handel heeft dat nodig, onze economische aantrekkelijkheid hangt er van af. Als je constant aanlegt maar je maakt niets af, als je in uw schietkraam uiteindelijk met een lange rij halve krijtjes staat, krijg je een ambetante baas van het schietkraam maar geen prijs, meneer de minister-president.

Wonen

Als het over wonen gaat, is uw mitrailleur plots veranderd in een klein waterpistooltje. Natuurlijk zijn we blij dat u het Woningplan van de vorige regering gaat uitvoeren en dat de huurpremies er komen zoals de vorige legislatuur was afgesproken is ook fijn. U kunt zelfs sneller gaan dan u denkt want de studie over huurreferentieprijzen die u wil maken, die bestaat al. De Groenen hebben harder gewerkt dan u denkt blijkbaar. Ronduit teleurstellend is echter het feit dat alle vernieuwende projecten plots verdwenen lijken te zijn: cohousing, community land trust, … het lijkt Chinees voor u. Enkel de traditionele recepten worden boven gehaald maar daar weten we al van dat dat niet voldoende zal zijn.

En de grote misser is natuurlijk dat u voorlopig van de woonbonus blijft terwijl u heel goed weet welke perverse effecten dit systeem heeft. Het cynische is dat u het probeert te verkopen als een cadeautje voor uw inwoners maar in de realiteit zullen we zien dat het de druk op de Brusselse woningmarkt alleen maar hoger zal houden dan buiten Brussel. U laat veel tijd en geld verloren gaan. En het ergste is: u weet dat u fout zit en toch zet u door. Dat is doelbewust verkeerd schieten en dat is veel erger dan uit onwetendheid een fout maken.

Stadsontwikkeling en ruimtelijke ordening

Er is één prijs, één trofee die u blijkbaar wel wil binnenhalen. En liefst zo snel mogelijk. Uw nieuwe regering heeft dan ook al twee ordonnanties opgesteld die het mogelijk moeten maken sneller te kunnen reageren op het vlak van stadsontwikkeling en ruimtelijke ordening. En inderdaad, bijna iedereen vindt dat er vandaag in Brussel veel kostbare tijd en energie verloren gaat in het hele proces van project-idee tot de uiteindelijke uitvoering ervan.
Dat u een openbare grondontwikkelaar wil belasten met het operationele uitvoeren van grote stadsprojecten, kunnen wij dan ook ondersteunen. Vandaag zit dit sowieso verspreid bij heel wat semi-externe instellingen dus een groepering onder één Maatschappij voor Stedelijke Inrichting kan zijn nut hebben. Natuurlijk zullen wij waakzaam zijn over hoe één en ander precies wordt uitgevoerd maar in principe volgen we uw redenering. Er zijn dan ook heel wat gebieden die vragen om een snelle en doordachte ontwikkeling op maat van de stad van morgen.

In die zin is het erg te betreuren dat er in uw beleidsverklaring geen sprake meer is van het PRDD. De voorbije vijf jaar is er hard gewerkt door heel veel mensen aan dat plan dat voor heel het gewest de grote lijnen moest uittekenen, het was als het ware het paradepaardje van uw voorganger, maar nu wordt er zelfs geen allusie op gemaakt. Nochtans gaat u wel heel wat deelgebieden ontwikkelen. De kar voor het paard spannen, noemt men dat. En dat levert zelden mooie resultaten op.

Of heeft het verdwijnen van het PRDD te maken met de oprichting van uw Brussels Planbureau? Want u gaat een para-regionale instelling creëren waarin alle actoren samenkomen die zich toeleggen op de kennis van het grondgebied en de strategische planning ervan. Ook de entiteiten die zich bezighouden met analyse en statistiek zullen opgaan in dit Brussels Planbureau.

U gaat dus met andere woorden de administratie alle strategische plannings-instrumenten afnemen. U herleidt uw administratie tot een machteloze machine die wel nog de vergunningen mag afleveren maar niet meer zal zien in welk verhaal de bouwwerken of activiteiten die zij moet vergunnen, zullen passen. Het kan zijn dat u ontevreden was over de manier of de snelheid waarop de administratie reageerde maar dan moet u uw administratie aanpakken en verbeteren.
Nu bindt u hen een blinddoek voor. Uit frustratie zet u honderden mensen met een expertise om u tegen te zeggen aan de kant. De efficiëntie-oefening die elk van de nieuwe managers moest uitvoeren – iets wat ze ook aan het doen waren – wordt prematuur onderuit gehaald. Hoe zal dit tot een efficiënter bestuur leiden? De administratie heeft trouwens terecht al laten weten dat zij absoluut tegen dit project is en wij begrijpen hen.

Ja, de minister-president krijgt een leuke speeltuin ter beschikking met heel veel vrijheid. U zegt ergens dat u weg wil van de jaren zeventig. Wel, inderdaad u gaat nog verder. U keert terug naar de wilde westen-mentaliteit van de jaren 60. Naar de tijd van de project-ontwikkelaars die dachten dat zij beter dan wie dan ook wisten wat goed was voor Brussel. Ik hou mijn hart vast.

Democratische controle? Transparantie? Participatie? We kunnen het op onze rug schrijven. Als u uw grote Brusselse werven sneller wil uitgevoerd zien, dan maakt u echter de verkeerde keuze. Meer betrokkenheid van de Brusselaars, dat is het wondermiddel. Niet een planbureau waar enkele mensen snel snel en zonder kritische tegenstem hun zin proberen door te drijven. En het ergste is dat uw collega’s niet eens goed beseffen wat er is gebeurd en wat ze precies gaan verliezen. U hebt hen in de voet geschoten en ze staan er bij en ze kijken er naar.

Armoede en gelijke kansen

En dan zijn er twee gebieden waar u zelfs geen prijs probeert te schieten. Het eerste is armoede en gelijke kansen. Armoede komt in uw beleidsverklaring niet aan bod. Eén keer hebt u het over kansarmoede: op het moment dat u over de strijd tegen radicalisering spreekt. Over gelijke kansen heb ik zelfs niets gevonden terwijl het thema toch razend actueel is.

Als ik zie hoeveel aandacht uw voorganger altijd had voor deze thema’s – terecht trouwens want we kunnen geen leefbare stad bouwen als we niet iedereen proberen mee te krijgen – dan denk ik dat het ontbreken ervan hem veel verdriet zal doen. Net zoals wij teleurgesteld zijn. Wat is er gebeurd dat de beleidsverklaring van deze regering zo licht gaat over de harde realiteit waar zoveel Brusselaars mee kampen? En verwijs dit thema alstublieft niet volledig door naar de GGC. Armoede en Gelijke Kansen heeft ook te maken met hoe mensen wonen, werken, zich verplaatsen en ga zo maar door.

Milieu en natuur

En het tweede gebied waar u zeer stil blijft, is dat van milieu en natuur. Geen woord over groene ruimtes, natuur of biodiversiteit. Geen aandacht voor de lucht-, water en bodemkwaliteit. Niets over dierenwelzijn. In de regeerverklaring was dit al een zeer kort hoofdstuk. Zonder veel ambitie. Met veel algemeenheden.

In deze beleidsverklaring wordt de klok zelfs nog teruggedraaid: de energiehuizen die nog maar net gedecentraliseerd, dicht bij de bevolking zijn opgericht dreigen opnieuw plaats te moeten maken voor een centraal loket. Staat dat niet haaks op uw ambitie tot een groter bewustzijn bij de Brusselaars?
U wil in uw milieubeleid een pragmatische visie hanteren die is afgestemd op de sociaal-economische realiteit in ons Gewest. Mensen moeten het begrijpen en aanvaarden voor u het wil uitvoeren. Zullen we dat principe ook eens toepassen op uw belastingen? Hoe plat kunt u gaan? De keuze tussen economie en milieu is een valse keuze. Je moet geen astma hebben om te begrijpen dat het belangrijk is dat onze lucht zuiver is, niemand wil groenten eten uit vervuilde grond en als mensen dicht op elkaar wonen beseffen ze zeer goed het belang van groen in de buurt. En ook hier is het zo dat vaak de armsten onder ons de zwaarste lasten dragen omdat ze op de meest vervuilde plaatsen wonen, zelf geen tuin hebben waar ze tot rust kunnen komen.

Een milieubeleid is dus automatisch ook een sociaal beleid. Alleen krijgen we noch op het ene, noch op het andere vlak veel van u te zien. Maar als je niet schiet, dan ben je altijd mis.

Conclusie

Meneer de minister-president, als je wint op de Zuidfoor gaat het over een pluchen beest dat je naar huis mag meenemen. In uw regering, in dit parlement, gaat het echter over de toekomst die we aan Brussel en de Brusselaars kunnen geven. Dat maakt het ontbreken van een project, van precieze doelstellingen waar u Brussel naartoe wil leiden, dan ook zo pijnlijk. Het spijt me maar deze verklaring kunnen wij geen voldoende geven.