door DV / SVG © Brussel Deze Week

Gelukkig is er de goede raad van Marie-Jeanne en Lisette

Een Vlaams schepen die zijn werk ter harte neemt, heeft een hondenleven. Hij of zij moet waken over de belangen van de Vlamingen en tegelijk aan de Franstaligen laten zien dat hij er is voor de hele bevolking. Hij is dus meer dan een Flamand de service. Rond de tafel zitten twee ervaren dames: Lisette Denberg en Marie-Jeanne Schoenmaekers. Allebei hebben ze een punt gezet achter hun goed gevulde carrière. Op de derde stoel: Bruno De Lille, toekomstige Vlaamse schepen van Brussel-stad en 27 lentes jong. Een gesprek rond stoemp met worst.

“Wees open, maar niet naïef”, zo vat Marie-Jeanne Schoenmaekers haar raadgevingen voor de kersverse schepen van Brussel-stad samen. “Veel van wat Franstaligen doen”, zo gaat Schoenmaekers verder, “is niet slecht bedoeld. De typische reflex van ‘Ze hebben ons weer liggen’, is vaak onterecht. Het vergt wat tijd om dat te begrijpen. Daarom: observeer, tracht de Franstaligen te begrijpen en sluit zeker je ogen niet. Maar je moet waakzaam blijven want het is en blijft politiek. Het is de strijd om de macht.”

Reddeloos verloren

Net dat, beamen Denberg en Schoenmaekers, moet je zelf ook durven gebruiken. Verdeel en heers is ook in de gemeentepolitiek een beproefde strategie. Denberg: “Voor ‘moeilijke’ dossiers moet je bondgenoten zoeken vóór ze op tafel komen. Het kan nuttig zijn om politieke onenigheden binnen een partij of binnen de Franstalige meerderheid uit te spelen.”

Maar Vlaamse schepen zijn, betekent ook respect afdwingen. Schoenmaekers: “Het is heel belangrijk dat je bevoegdheden hebt die alle bewoners van de gemeente aanbelangen. Je mag er niet alleen staan voor de Vlamingen, anders ben je reddeloos verloren.” Schoenmaekers voegt er nog aan toe dat het in het begin van haar carrière makkelijker was. “Toen was de voogdij over de gemeenten nog federaal. Het communautair evenwicht was groter. Maar nu de voogdij over de gemeenten bij het Brussels Gewest ligt, is het veel moeilijker om de rechten van de Vlaming af te dwingen.”

Handjes schudden

Lisette Denberg heeft één niet mis te verstaan devies: “Verkies hard werken boven profileringsdrang.” Denberg heeft altijd een hekel gehad aan overdreven mediabelangstelling. Maar, zo wil De Lille wel weten, de mensen moeten je toch kennen? Denberg: “Sinds de komst van TV-Brussel kan je je niet meer wegsteken. Dat is waar. Ik heb in het begin misschien te weinig aandacht besteed aan naambekendheid.”

Recepties afdweilen, handjes schudden, dienstbetoon: het is niet echt bon ton in een tijd van NPC. Schoenmaekers: “Overal aanwezig zijn, is niet per se oude politieke cultuur. Meer dan in Vlaanderen nog hebben de verenigingen in Brussel een aanspreekpunt nodig waar ze dossiers kunnen aankaarten. Vaak dan nog over bevoegdheden die je niet zelf in handen hebt. Je bent als Vlaamse schepen eigenlijk een soort burgemeester voor de Vlamingen.” Denberg knikt instemmend, de vinger in de lucht: “Een burgemeester-ke.”

I can’t get no

Een Vlaams schepenambt is als we Denberg en Schoenmaekers mogen geloven, een tough job. Lisette Denberg (grappend): “We moeten oppassen, Marie-Jeanne. Straks durft die jongen niet meer in het schepencollege gaan zitten.” Maar De Lille laat zich niet afschrikken. Hij stopte pas vorige week vrijdag met zijn job bij de VRT, waar hij het radioprogramma De Grote Beer heeft gepresenteerd. “De meeste raadgevingen van Denberg en Schoenmaekers had ik wel verwacht. Maar het belangrijkste vind ik om niet te veel projecten tegelijkertijd onder handen te nemen”.

Marie-Jeanne Schoenmaekers als een wijze moeder: “Een nieuwe schepen heeft de plicht om de eerste zes maand te zwijgen en het recht om het eerste jaar zijn mond te houden.”

Waakzaam zijn, eenzaamheid: het klinkt allemaal niet erg uitnodigend. Maar zowel Schoenmaekers als Denberg hebben geen spijt van hun schepenambt. Denberg: “Je hebt iets kunnen realiseren. Je kan door je gemeente wandelen en zeggen: dat is iets van mij. Dat geeft veel voldoening.”

Is Bruno De Lille op zijn 27ste niet wat jong om in een schepencollege te stappen? Denberg: “Ik was 29. Zo groot is het verschil niet. Als je jong bent, schat je de gevolgen van je daden minder in. En dat is maar goed ook. Je hebt lef, je neemt risico’s. Eenmaal ouder is het gevaar niet denkbeeldig dat je te voorzichtig wordt.”

Wie is wie?

Bruno De Lille (27, Agalev) werd op 8 oktober niet alleen onverwacht verkozen, hij wordt ook de enige Vlaamse Schepen in Brussel-stad in een meerderheid van PS, Ecolo, Agalev en PSC. Lisette Denberg (47, SP) was vijftien jaar lang schepen in Evere. Drie jaar geleden gaf ze de fakkel door aan haar partijgenoot Jean-Luc Liens. Marie-Jeanne Schoenmaekers tot slot (76, CVP) is sinds 1982 een schepen in het francofone Sint-Pieters-Woluwe. In januari stapt ze uit de actieve politiek.

20-12-2000